“Hoe vaak moet ik mijn schaatsen laten slijpen?” Het is een van de vragen die we regelmatig krijgen.
Het eenvoudige antwoord zou zijn: na een vast aantal uren schaatsen. Maar zo werkt het in de praktijk niet helemaal.
Hoe snel een schaats bot wordt, hangt onder andere af van het type staal, het ijs waarop je rijdt, hoe intensief je schaatst, hoe je met je materiaal omgaat en of je onderweg beschadigingen hebt opgelopen.
Daarom kijken we bij Novakse liever naar hoe de schaats rijdt en hoe het ijzer eruitziet dan alleen naar het aantal uren sinds de vorige slijpbeurt.
Hoe merk je dat je schaatsen bot worden?
Een botte schaats voelt niet voor iedereen hetzelfde. Veel schaatsers merken bijvoorbeeld dat ze:
- minder grip hebben tijdens de afzet
- gemakkelijker wegglijden
- minder vertrouwen hebben wanneer ze druk zetten
- moeilijker een bocht kunnen houden
- het gevoel hebben harder te moeten werken voor dezelfde slag
Soms gebeurt dat geleidelijk. Je went eraan dat de schaats steeds iets minder goed rijdt en merkt pas na het slijpen hoeveel verschil er eigenlijk was.
Moet je na iedere paar trainingen slijpen?
Niet automatisch. Er bestaat geen universele regel als: “Iedere schaats moet na precies vijf trainingen worden geslepen.”
De ene schaatser rijdt intensief en vaak. De ander maakt één rustige training per week.
Ook het ijs maakt verschil. Een goed onderhouden kunstijsbaan stelt andere eisen aan een ijzer dan natuurijs waarop vuil, zand, scheuren of andere oneffenheden kunnen voorkomen.
Daarom kijk ik liever naar de daadwerkelijke staat van het ijzer.
Controleer je schaatsen regelmatig
Je kunt zelf al een eerste controle doen. Kijk langs het ijzer en let op beschadigingen. Voel voorzichtig of er opvallende plekken zijn waar de kant duidelijk anders aanvoelt.
Heb je tijdens het schaatsen ineens ergens overheen gereden en voelde je dat direct in je ijzer? Controleer de schaats dan voordat je de volgende training begint.
Een klein beschadigd stukje kan tijdens het rijden verrassend veel invloed hebben.
Bot of beschadigd is niet hetzelfde
Een schaats kan simpelweg zijn scherpte verliezen. Maar er kan ook een beschadiging in het ijzer zitten. Denk bijvoorbeeld aan een braam of een plek die ontstaat doordat je met het ijzer iets hards raakt.
In zo’n geval is alleen een paar keer snel met een steen over het ijzer gaan niet altijd de juiste oplossing. Eerst moet duidelijk zijn wat er daadwerkelijk aan de hand is.
Waarom goed slijpen meer is dan “een scherpe rand maken”
Bij handmatig slijpen wil je beide ijzers gelijkmatig behandelen. Daarbij gaat het niet alleen om scherpte. Ook vlak werken, netjes ontbramen en controleren wat er met het materiaal gebeurt zijn belangrijk.
Zandstra beschrijft bij zijn slijpmateriaal bijvoorbeeld expliciet dat slijpstenen vlak moeten blijven en dat na het slijpen bramen van de zijkant van het ijzer moeten worden verwijderd. (Zandstra Sport)
Dat klinkt als een detail. Maar juist die details bepalen uiteindelijk hoe rustig een schaats op het ijs voelt.
Wat gebeurt er als je te lang wacht?
Met botte schaatsen kun je meestal nog wel rijden. Maar prettig is het niet altijd.
Je kunt merken dat je steeds harder probeert te duwen om grip te krijgen. Daardoor bestaat de kans dat je een technisch probleem probeert op te lossen dat eigenlijk gedeeltelijk uit je materiaal komt.
Dat is iets waar we bij techniektraining ook op letten. Als iemand voortdurend wegslipt, is het niet logisch om alleen maar te roepen dat de afzet beter moet. We kijken eerst of het materiaal überhaupt doet wat het moet doen.
Kun je schaatsen te vaak slijpen?
Ja, onnodig materiaal verwijderen heeft weinig voordeel. Iedere slijpbeurt neemt uiteindelijk een kleine hoeveelheid staal weg.
Daarom hoeft een schaats die nog goed scherp en netjes is niet puur uit gewoonte opnieuw volledig geslepen te worden.
Het doel is niet: zo vaak mogelijk slijpen. Het doel is: zorgen dat het ijzer goed blijft rijden.
Hoe zit het met natuurijs?
Na schaatsen op natuurijs kijk ik extra goed naar de ijzers.
Natuurijs kan prachtig glad zijn, maar je kunt ook stukken tegenkomen met vuil, sneeuw, scheuren of materiaal dat op het ijs terechtgekomen is. Een klein steentje of zandkorrel kan genoeg zijn om een beschadiging te veroorzaken.
Ga je meerdere dagen achter elkaar schaatsen, bijvoorbeeld tijdens een schaatsreis? Dan is het verstandig je ijzers tussendoor te controleren.
En na de zomer?
Ook schaatsen die maanden niet gebruikt zijn verdienen aandacht. Controleer vóór het nieuwe seizoen bijvoorbeeld:
- zitten er roestplekjes op?
- zijn de kanten nog netjes?
- zijn er beschadigingen?
- is de ronding nog zoals bedoeld?
- zijn bouten, veren en andere onderdelen in orde?
Bij Novakse bestaat een volledige onderhoudscontrole daarom uit meer dan alleen slijpen: ook onder andere ronding, polijsten, veren, bumpers, pennen, bouten en het scharnier worden gecontroleerd.
Zelf slijpen of laten slijpen?
Zelf leren slijpen kan prima. Voor schaatsers die vaak rijden kan het zelfs heel handig zijn.
Maar goed slijpen vraagt wel oefening en geschikt materiaal. Een slijptafel die niet goed staat of een steen die niet vlak is kan ervoor zorgen dat je juist problemen creëert.
Wil je het zelf leren, dan is het verstandig eerst goed te begrijpen:
- hoe je de schaats inspant
- hoe je de steen gebruikt
- wanneer je moet stoppen
- hoe je een braam verwijdert
- hoe je controleert of beide ijzers netjes zijn
Bij Novakse is daarom ook een slijpworkshop mogelijk waarbij je leert je eigen schaatsen te onderhouden.
Wanneer zou ik mijn schaatsen zeker laten controleren?
Ik zou niet te lang wachten wanneer je merkt dat:
- je opeens veel grip verliest
- één schaats anders voelt dan de andere
- er zichtbare beschadigingen zijn
- je over iets hards bent gereden
- de schaats onrustiger voelt dan normaal
- het materiaal lange tijd niet onderhouden is
En zeker voor een belangrijke tocht of schaatsreis zou ik het materiaal ruim van tevoren controleren. Niet de avond vóór vertrek. Je wilt na een onderhoudsbeurt liefst nog even kunnen schaatsen om te voelen of alles goed staat.
Scherp betekent niet automatisch goed afgesteld
Dit is belangrijk. Je kunt twee perfect scherpe schaatsen hebben en tóch niet prettig rijden.
Wanneer het ijzer niet goed onder je voet staat of de ronding niet bij je past, lost slijpen dat probleem niet op.
Daarom maken we bij Novakse onderscheid tussen slijpen (zorgen dat het ijzer technisch goed scherp is) en skatefitting (kijken hoe de schaats onder jou staat en hoe jij ermee rijdt).
Lees daarvoor ook: Wat is skatefitting en heb je het nodig?
En wanneer je meer wilt begrijpen over de vorm van het ijzer: Welke ronding past bij jou: 18, 21, 24 of 27 meter?
Hoe wij bij Novakse slijpen
Mijn ervaring met schaatsmateriaal en slijpen heb ik onder andere opgebouwd tijdens mijn tijd in de 11shop van de Elfstedenhal. Meer daarover lees je op Over Novakse.
Bij Novakse worden tourschaatsen handmatig geslepen. Ik kijk daarbij liever naar wat het materiaal nodig heeft dan naar een standaardbehandeling voor iedere schaatser.
Soms is slijpen genoeg. Soms moet de ronding worden gecontroleerd. En soms blijkt tijdens het gesprek dat het probleem helemaal niet de scherpte is, maar de afstelling. Dat verschil vind ik belangrijk.
Tot slot
Hoe vaak moet je je schaatsen slijpen? Niet volgens een vaste kalender, maar wanneer de staat en het rijgedrag van het ijzer daar aanleiding toe geven.
Controleer je materiaal regelmatig en wacht niet tot je tijdens iedere afzet staat te glijden.
Goed onderhouden schaatsen maken je niet vanzelf een betere schaatser. Maar ze zorgen er wel voor dat je techniek niet tegen je materiaal hoeft te vechten.
